|
Er is een verlaging van de vennootschapsbelasting nodig naar 19%. Deze verlaging moet in eens worden doorgevoerd, anders heeft ze geen nut. Budgettair is dit haalbaar binnen het kader van de totale hervorming. Waarom die verlaging?
· Buitenlandse ondernemingen kijken allereerst naar het “statutaire tarief” (dit is het wettelijke tarief). Omdat 33,99% zeer hoog is valt België doorgaans uit de boot en lopen we veel investeringen mis.
· De K.U.L. berekende dat een verlaging van het tarief met (slechts) 7% minstens 2,7 miljard euro bedrijfsinvesteringen zou opleveren.
· Een vermindering van het nominale tarief brengt meer aanwervingen mee (de jobreallocatie). Een verlaging tot 25% zou waarschijnlijk al 90.000 extra banen opleveren.
· 20% is een “psychologische grens”. Wanneer het tarief daar onder duikt is het resultaat dus nog meer investeringen. Vandaar het pleidooi voor 19%.
Het tarief moet gelden voor alle ondernemingen. Beperken we dit tot de KMO’s, dan zal de verlaging geen impact hebben op de broodnodige buitenlandse investeringen. Deze verlaging moet in één klap gebeuren. Een geleidelijke afbouw heeft niet het beoogde effect op de economie. De onmiddellijke verlaging kan perfect opgevangen worden in de begroting.
Daartegenover staat de onmogelijkheid tot allerhande aftrekken en de afschaffing van allerlei bijzondere fiscale stelsels (holding, tax shelter, …). De DBI-aftrek (bedoeld om dubbele belastingen te vermijden) en de notionele interestaftrek (aftrek van een fictieve interest op het eigen vermogen) is wel verzoenbaar zijn met ons systeem. Uiteraard moeten wij rekening houden met alle Europese richtlijnen op het vlak van vennootschapsfiscaliteit.
Door het systeem eenvoudiger te maken, verhogen we er de maatschappelijke winst van. Ons doel is de effectieve belastingdruk op ondernemingen nooit te laten uitkomen boven het Europese gemiddelde.
|
|